Wat kunnen woningcorporaties van uitgezette huurders leren?

‘Prik door de mooie woorden van de huurder heen en ben vasthoudend’

Marcello van den Anker2

Maar liefst vier keer werd Marcello van den Anker uit huis gezet. Hij wist dat hij negen maanden huurachterstand kon hebben voordat het weer zover was. Het kost hem uiteindelijk negen jaar om zijn leven weer op de rit te krijgen. Via 24-uursopvang, begeleid wonen en schuldsanering huurt hij nu samen met zijn vriendin een woning en zet hij zijn ervaring in om anderen te helpen. Had een woningcorporatie hem destijds kunnen helpen? En hoe dan?

 

Tijdens de Corporatiedag in november 2016 doet Marcello zijn verhaal. De aanwezigen hangen aan zijn lippen. Onder het stoere voorkomen, schuilt een man met een klein hart. Opgroeiend met een alcoholistische vader en depressieve moeder wordt hij in zijn jonge jeugdjaren al geconfronteerd met een zware last. Op zijn twaalfde begint Marcello met drinken en niet veel later gaat hij ook drugs gebruiken. Aan het einde van zijn tienerjaren, als Marcello zelfstandig woont, wordt hij voor de eerste keer door een woningcorporatie uit huis gezet. De rekeningen blijven oplopen en de huurachterstand is niet meer in te lopen. Na deze ontruiming volgen er nog drie. “Op dat moment doet het je niets. Het voelde zelfs als een opluchting. Ik wist toch al dat het er aan zat te komen”, zegt Marcello. Zijn leven op straat voelt als een zware balk die op zijn schouders rust. “Ik verloor iedere keer weer van mezelf. Ik wilde wel, maar het lukte niet. Op mijn dertigste had mijn zelfbeeld het dieptepunt bereikt. Bijna had ik het opgegeven totdat ik in 2002 ervaringswerker Louis op straat tref. Hij raakt iets in mij. Hij gaf mij vertrouwen en liet mij inzien dat jezelf ook iets kunt betekenen. Je hóéft niet voor het slechte pad te kiezen. Er veranderde iets in mij en ik wilde het nog één keer proberen. Ik gaf het nog één kans.” Die kans pakt goed uit. Marcello stopt per direct met de drank en drugs en volgt een lange weg van herstel. Zijn emotionele ontwikkeling heeft al die jaren stilgestaan en van binnen is hij altijd het twaalfjarig jongetje gebleven. Tijdens begeleid wonen leert hij waarden en normen, maar ook het huishouden runnen. Koken, de post openmaken, een kasboek bijhouden. Voor de meeste mensen normale dingen, maar voor Marcello niet. Hij moet het allemaal nog leren. “Nog steeds heb ik een haat-liefdeverhouding met de brievenbus. Door de vele brieven van schuldeisers en deurwaarders ben ik jaren bang voor de brievenbus geweest.”

 

Marcello heeft zijn leven weer op de rit en werkt als beleidsmedewerker en ervaringsdeskundige – “zonder scholing en opleiding is me dat toch maar mooi gelukt”. Hij snapt nu de professional, de woningcorporatie én de deurwaarder. Maar spreekt ook de taal van de cliënt. “Ik leef nu in het heden en ik wil mensen helpen. Wil hen de kans geven die ikzelf ook ooit heb gehad.”

 

Maak écht contact met de huurder

Marcello slaat een brug tussen de huurder en woningcorporatie. Had een woningcorporatie hem destijds kunnen helpen? “Ja, zonder twijfel. Ik heb tijdens al mijn huisuitzettingen nooit een medewerker van een corporatie (en dat waren er meerdere, want Marcello ging van stad naar stad en van corporatie naar corporatie) gesproken. De brieven belandden ongeopend op de stapel bij de rest. Had de woningcorporatie maar contact gezocht. Was ik maar het gesprek met ze aangegaan.”

 

Wat kan, nee moet, een woningcorporatie anders doen? “Als woningcorporatie sta je dicht bij de huurder. Je ziet vaak als eerste dat de gordijnen overdag dichtblijven, dat het vuilnis zich opstapelt. Pak deze signalen op en ga in gesprek met de huurder.” Maar wat als een huurder mooi weer blijft spelen en zegt dat er niets aan de hand is? “Ben vasthoudend en prik door die schijnwereld heen. Maak écht contact en laat zien dat je het goed met ze voorhebt. Deel persoonlijke verhalen, mijn verhaal bijvoorbeeld, en leg uit wat het gevolg is van zijn gedrag. Telefoneren vindt deze doelgroep vaak erg lastig. Zoek daarom persoonlijk contact en ga samen in gesprek aan de keukentafel.”

Naar overzicht
Delen:
FacebookTwitterLinkedInEmail
Neem contact op

xHeeft u een vraag?