Een Pyrrus overwinning en zelfs dat niet

Hoge hofHet Hof Arnhem-Leeuwarden gaf 6 november jl een beslissing in een belangrijke casus: wat te doen in appel met een beslag dat in eerste aanleg opgeheven is?

De casus was extra interessant omdat de opheffing in eerste aanleg mede werd veroorzaakt door een ernstige fout van de voorzieningenrechter in Utrecht die artikel 2 van de algemene termijnenwet niet toepaste.

 

Het ging om een beslag dat op 4 mei 2017 was gelegd (donderdag) en op dinsdag 9 mei 2017 was betekend. Met artikel 1 ATW in de hand kom je dan uit op maandag 8 mei maar omdat 5 mei 2017 onder artikel 3 lid 1 ATW valt werd de termijn verlengd, iets dat de voorzieningenrechter niet onderkende. Juist in het beslagrecht mag je als beslagrechter dergelijke fouten niet maken maar echt goede kennis van dit rechtsgebied (en de ATW) is niet iedere voorzieningenrechter gegeven.

 

De gevolgen waren ernstig voor de beslaglegger: het beslag werd opgeheven en het vastgoed meteen getransporteerd. Een nieuw beslag kwam te laat.

Extra vervelend voor de beslaglegger was, en is, dat zijn appel op inhoudelijke gronden strandde: de vordering werd als voorhand ongegrond afgewezen (705 Rv)

Stel nu dat het Hof wel had vernietigd: zou dit de beslaglegger dan hebben gebaat? Nee, en dat is ook wel logisch.

 

De bedoeling van een opheffing kort geding is bijna altijd vervreemding of bezwaring, anders zal niet snel grond zijn voor een kort geding. Terugdraaien van die opheffing maakt een opheffingsbeslissing feitelijk onbruikbaar en dat is nu net niet de bedoeling van een ordemaatregel die een kort geding wel is.

 

De Hoge Raad heeft de afgelopen 22 jaar meerdere uitspraken over deze materie gedaan. Baanbrekend was de Smokehouse/Culimer uitspraak[1] uit 1995 waarin beslist werd dat een beslag kan herleven als de zaak zich nog in het vermogen van de beslagene bevindt. Snel handelen van de beslaglegger is dan wel geboden uiteraard. Heel anders wordt de situatie als de zaak na opheffing is vervreemd: daar wordt de verkrijger beschermd zoals de HR ook terecht in 2000 besliste in Aruba/X[2] en het door het Hof nu aangehaalde arrest uit 2008 Forward/Huber[3].

 

De appellant scoorde zijn punt maar het baatte hem niet. Wie wel blij zal zijn is de beslagleggende deurwaarder want het Hof maakt gelukkig wel duidelijk dat de betekening op tijd geschiedde.

 


[1]  20 januari 1995, NJ 1995, 413

[2] http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2000:AA5960

[3] http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:PHR:2008:BC9351

Naar overzicht
Delen:
FacebookTwitterLinkedInEmail
Neem contact op

xHeeft u een vraag?