Valse aanmaningen in omloop
Er zijn valse aanmaningen in omloop die zogenaamd verstuurd worden door Janssen & Janssen Incasso en Gerechtsdeurwaarders. Ze gebruiken net een andere naam dan onze officiele naam en ze gebruiken een buitenlands rekeningnummer. Wees dus extra voorzichtig en laat je niet misleiden! Controleer altijd de afzender: Echte berichten van Janssen & Janssen zullen altijd van een officieel mailadres komen, zoals info@janssen-janssen.nl. Als je twijfelt over de echtheid van een bericht, neem dan rechtstreeks contact met ons op via 088 730 34 00.
Minderjarige kinderen en woningontruiming
Delen via social
- 28-10-2026
- Leestijd: 2 minuten
Minderjarige kinderen en woningontruiming: een zwaarwegend belang, maar geen vrijbrief
Wanneer er een overeenkomst is tussen een huurder en verhuurder, maar hierin een achterstand in de huurtermijnen is ontstaan, kan een verhuurder de ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning vorderen bij de rechtbank. Veel huurders voeren hierbij als verweer dat er minderjarige kinderen in het huis wonen. Verhuurders vragen zich af wat dit betekent voor de beoordeling van de zaak.
Een recente uitspraak van de Rechtbank Oost-Brabant laat zien dat de aanwezigheid van een minderjarig kind zeker een belangrijke factor is, maar dat dit een ontruiming niet altijd uit hoeft te sluiten.
Het belang van het kind staat voorop
Artikel 3 van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind stelt dat de belangen van kinderen een eerste overweging vormen bij de besluiten die hen raken. Dit wordt door de kantonrechter uitdrukkelijk benadrukt. Ook, en vooral in huurzaken moet daarom gekeken worden naar de gevolgen die een ontbinding en ontruiming voor een minderjarig kind met zich meebrengen.
Deze regel betekent echter niet dat ontbinding en ontruiming nooit kan worden toegewezen wanneer er minderjarige kinderen betrokken zijn. Er moet een volledige belangenafweging gemaakt worden tussen de belangen van de huurder en de verhuurder.
Verantwoordelijkheid ligt in eerste instantie bij de ouders
De rechter heeft in de uitspraak vooral benadrukt dat de eerste verantwoordelijkheid voor tekortkoming in de nakoming van een huurovereenkomst, die kunnen leiden tot ontbinding en ontruiming, bij de huurder en dus de ouder/verzorger van het kind ligt. Daarom kunnen de gevolgen hiervan niet op de verhuurder worden afgewenteld. Het ligt dus voornamelijk bij de ouders om de negatieve gevolgen voor hun kinderen te beperken. Daarbij komt dat er gebruik kan worden gemaakt van hulpverlening, gemeentelijke ondersteuning of noodopvang wanneer de situatie daarom vraagt.
Een kind vormt niet automatisch een belemmering voor ontruiming
In de betreffende zaak voerde de huurder aan dat zij zes maanden zwanger was. De rechter erkende hier dat een ontruiming zou zorgen voor ingrijpende gevolgen voor een minderjarig, weliswaar ongeboren kind.
Toch werd gekozen voor toewijzing van ontbinding en ontruiming, omdat de huurder onvoldoende inzicht gaf in de woonsituatie en mogelijkheden tot alternatieve huisvesting. Ook werd er geen initiatief getoond tot verbetering van de financiële situatie, mede doordat de huurder niet verscheen op de mondelinge behandeling van de zaak, waar een mogelijkheid zou zijn tot overleg over de oplossingen, voordat overgegaan zou worden tot ontbinding en ontruiming.
Ook is er gedurende het traject meermaals gepoogd om hulpverlening op gang te brengen, en werd zelfs door verhuurder aangegeven dat het vonnis als stok achter de deur zou worden gebruikt om de huurder te bewegen tot betaling of het accepteren van ondersteuning.
Als laatste wordt er in het vonnis aangegeven dat de uitkering van de huurder was stopgezet, en geen stabiel inkomen heeft. Dit geeft de verhuurder niet genoeg vertrouwen dat de huurder in het vervolg de lopende huurtermijnen wel zou kunnen voldoen.
Bij toewijzing van de vordering tot ontbinding en ontruiming wordt dus niet alleen naar achterstanden gekeken, maar ook naar andere inspanningen die zijn geleverd om ontruiming te voorkomen en hulpverlening in te schakelen.
Wat betekent dit voor verhuurders?
Deze uitspraak laat zien dat de aanwezigheid van minderjarige kinderen niet direct ontbinding en ontruiming uitsluit, maar wel dat de rechter een zorgvuldige afweging dient te maken van de belangen van beide partijen. Hieronder vallen onder andere het woonbelang van het kind, maar ook de ernst van de tekortkoming, de mogelijkheden tot alternatieve huisvesting, de bereidheid van de huurder om schuld te accepteren en de eerdere inspanningen die door de verhuurder en hulpverlenende instanties zijn geleverd om verdere escalatie te voorkomen.
Voor verhuurders is het daarom belangrijk om vast te leggen óf, en zo ja welke hulp er is aangeboden, welke contacten hebben plaatsgevonden en welke mogelijkheden de huurder heeft gekregen om tot een oplossing te komen.
Conclusie
De gedachte dat een huurder met minderjarige kinderen niet ‘mag’ worden ontruimd, is te kort door de bocht. Uiteraard weegt het belang van het kind zwaar en moet dit ook zeker worden meegenomen in de beoordeling, maar dit hoeft niet doorslaggevend te zijn in de beslissing van de rechter. Juist wanneer er sprake is van een ernstige tekortkoming, oplopende schulden en onvoldoende medewerking aan hulpverlening, is het voor de rechter belangrijk om het volledige plaatje te bekijken. Deze belangenafweging zal uiteindelijk bepalen of het gerechtvaardigd is om ontbinding en ontruiming toe te wijzen.
Dit artikel is geschreven door Emma Weltens, stagiaire Corp Support
Heb je vragen?